Interview met Mariska Venema

Lerend Netwerk ‘Explore’

Waarom zijn jullie met dit Lerend Netwerk gestart?

Ons Lerend Netwerk richtte zich specifiek op de taalontwikkeling van kinderen tussen de 0 en 2 jaar in de kinderopvang. Kinderen in deze leeftijdsfase leren taal begrijpen en gebruiken door te exploreren: de wereld om zich heen ontdekken door te bewegen en te spelen – van rollen en kruipen tot het pakken van voorwerpen of het bouwen van een blokkentoren. Via het grijpen, bekijken en verkennen van materialen wordt niet alleen de motoriek gestimuleerd, maar ook de taalontwikkeling.

Hoewel deze fase cruciaal is voor de taalontwikkeling, blijkt uit de praktijk er nog veel taalkansen benut kunnen worden. Exploratie, in samenhang met motoriek en taal, is voor velen nog een relatief nieuw thema. Met dit Lerend Netwerk wilden we daar verandering in brengen.

Wat was het doel van het Lerend Netwerk?

Ons doel was om via exploratief spel de sensomotorische en taalontwikkeling van kinderen van 0 tot 2 jaar te stimuleren. Exploratief spel is spel waarbij kinderen materialen manipuleren en verkennen. Tijdens dit spel maken jonge kinderen geluiden, brabbelen ze, en gebruiken ze gebaren zoals het wijzen naar een knuffel. Deze eerste vormen van communicatie leggen de basis voor hun mondelinge taalvaardigheid

Om dit doel te bereiken, werkten pedagogisch professionals in drie verschillende groepen gedurende een jaar systematisch aan het ontwerpen van spelsituaties die exploratief spel stimuleren. Daarbij maakten we gebruik van de Lesson Study-methodiek – een werkwijze waarbij deelnemers cyclisch ontwerpen, uitvoeren en evalueren. Deze aanpak hielp om samen te onderzoeken wat werkt in de praktijk, en hoe je spel en interactie doelgericht kunt versterken. Tegelijkertijd oefenden de deelnemers met het verfijnen van hun interactievaardigheden voor deze jonge doelgroep.

In de afgelopen twee jaar hebben in totaal 17 pedagogisch professionals van vijf kinderopvangorganisaties deelgenomen aan het Lerend Netwerk. Het netwerk maakt deel uit van mijn promotieonderzoek naar de samenhang tussen taal, motoriek en exploratief spel bij het jonge kind in de leeftijd van 0 tot 2,5 jaar.

Wat heeft jullie Lerend Netwerk opgeleverd voor (de kinderen in) Almere?

De pedagogisch professionals die deelnamen aan het Lerend Netwerk verdiepten hun kennis over taalontwikkeling, exploratie en motoriek. Ze leerden hoe ze exploratief spel kunnen stimuleren en op het juiste moment taal kunnen aanbieden. Ook gingen ze gerichter kijken naar het gedrag van jonge kinderen, onder meer met een observatie-instrument die verschillende vormen van exploratie zichtbaar maken. Een veelgehoorde reactie was: “Ik wist niet dat dit kind dit al kon, totdat ik op deze manier ging kijken.” Die scherpere blik hielp hen om exploratief spel – en daarmee taalontwikkeling – doelgerichter te begeleiden.

Naast de professionele ontwikkeling van de pedagogisch professionals leverde het Lerend Netwerk ook drie concrete producten op. Allereerst ontwikkelden de deelnemers zelf spelontwerpen, gebaseerd op theoretische principes over exploratief spel en de vroege taalontwikkeling. Elk ontwerp bevat een toelichting én praktische tips voor de kinderopvangpraktijk. Deze ontwerpen worden gebundeld in een boek, zodat ook andere locaties ermee kunnen werken.

Daarnaast heeft een praktijkexperiment met een spelset – uitgevoerd in het kader van mijn promotieonderzoek – tot een observatieschema voor pedagogisch coaches geleid. Dit schema helpt coaches om in kaart te brengen hoe een pedagogisch professional exploratief spel (taalrijk) faciliteert. Daarbij wordt onder andere gekeken naar de introductie en opstelling van de objecten, de voorbereiding van de speelleeromgeving, en de kwaliteit van taalinput. Het schema ondersteunt op deze wijze zowel de begeleiding van professionals als bredere kwaliteitsontwikkeling, en wordt inmiddels ook ingezet in de Ad beroepsopleiding in Almere.

Ten slotte is de bestaande Lesson Study-cyclus aangepast om beter aan te sluiten bij de praktijk van de kinderopvang, waar het werken met groepen, thema’s en dagritmes anders is dan in het basisonderwijs. Deze aangepaste werkwijze – Lesson Study voor in de kinderopvang – geeft bovendien een explicietere rol aan de pedagogisch coach als facilitator van het leerproces. De werkwijze wordt gebundeld in een handreiking, zodat ook andere organisaties ermee aan de slag kunnen.

Hoe heeft het werken in een Lerend Netwerk aan deze opbrengsten bijgedragen?
Het werken in een Lerend Netwerk volgens een systematische aanpak gaf structuur en richting: waar staan we nu, welke stappen zijn er nog nodig, en waar werken we naartoe? Dit maakte het mogelijk om samen doelgericht te ontwikkelen. Tegelijkertijd was er veel ruimte voor eigenaarschap: deelnemers sloten aan vanuit een gedeelde ambitie of een eigen vraag uit de praktijk. Die intrinsieke motivatie – “hier wil ik meer over weten” – maakte het leren betekenisvoller dan bij een reguliere cursus of training.

In plaats van direct te starten met het ontwerpen van spelsituaties, begonnen we met een verkennende fase. De pedagogisch professionals verdiepten zich – mede op basis van inhoudelijke input en observaties – in kennis over taal, motoriek en exploratief spel, en werkten met uitgewerkte voorbeelden. Zo konden ze eerst experimenteren met exploratiemateriaal voordat ze zelf gingen ontwerpen. Deze werkwijze bood niet alleen inhoudelijke verdieping, maar hielp ook om gerichter te kijken naar het gedrag van jonge kinderen. De voorbeelden en gezamenlijke reflectie gaven inzicht in zowel het spel van kinderen als de eigen rol als begeleider.

Ook de gekozen Lesson Study-methodiek – een aanpak die, net als de Stedelijke Taalaanpak, systematisch en cyclisch werkt, maar specifiek is toegesneden op het ontwerpen, uitvoeren en evalueren van les- en spelactiviteiten – droeg bij aan de opbrengsten. Deze opzet hielp het leergesprek tussen deelnemers op gang te brengen en te verdiepen, zowel tijdens de verkennende fase als in de uitvoering en reflectie.

Daarnaast werkte het motiverend dat deelnemers regie kregen over de inzet van projectmiddelen. Het gaf hen de ruimte om bewust te kiezen voor materialen die pasten bij hun eigen praktijk en doelen – een concrete invulling van eigenaarschap binnen het leerproces.

Tegelijkertijd leeft de vraag hoe duurzaam deze opbrengsten zijn, met name op het gebied van de professionele ontwikkeling van de pedagogisch professionals. De eerste stappen in het versterken van spel en interactie zijn zichtbaar, maar voor structurele verandering is méér nodig: herhaling van cycli, verdieping van reflectie, en een stevige positie voor de pedagogisch coach als facilitator van collectief leren. Niet incidenteel of individueel, maar doorlopend en in teamverband. Dat vraagt om tijd, investering en organisatorische verankering.

Waar ben je het meest trots op?

Het meest trots ben ik op de pedagogisch professionals die deelnamen aan dit netwerk. Zij hebben zich gedurende het traject bijzonder open en leerbaar opgesteld. Ik mocht regelmatig op de groep meekijken, en steeds weer waren zij bereid om iets nieuws te proberen – soms kleine aanpassingen, maar met grote impact in de praktijk.

Ook hebben ze hard gewerkt aan het ontwikkelen van spelontwerpen. De één wat uitgebreider of nauwkeuriger dan de ander, maar allemaal gebouwd op de ontwerpprincipes die we samen hebben gedefinieerd. Het resultaat is een rijke verzameling praktijkvoorbeelden die laat zien wat er mogelijk is als je tijd en ruimte krijgt om samen te leren.